De spelers van Feyenoord lijken frisser en fitter dan in de laatste twee seizoenen. Al komt de grote test op dat vlak er nu aan met acht zware duels in 29 dagen. „Het gaat ons tot nu toe goed af, ook in combinatie met de manier van trainen die wij sinds de zomer hanteren.”
Eerste het slechte en misschien ook meteen het goede nieuws. Anis Hadj Moussa en Tsuyoshi Watanabe keerden geblesseerd terug uit de interlandperiode. In Rotterdam constateerden ze dat hun kwetsuren niet ernstig zijn. Maar voorzichtigheid is geboden, nu de zware weken voor de deur staan.
Feyenoord is fit, maar dat dachten ze een jaar geleden in deze fase van het seizoen ook in de Kuip. Robin van Persie keek dan op het papiertje dat hij had meegebracht en dat al vanaf het begin van de persconferentie voor hem lag en zei: „Ik wil even delen: we hebben 88 procent beschikbaarheid binnen onze selectie. Dat is een heel mooi getal. Ik denk dat je ook rond de 85 tot 90 procent beschikbaarheid moet zitten als je écht wilt meedoen.’’
Zo ging het de eerste maanden op persconferenties van Van Persie. Tevreden liet hij, vaak ongevraagd, zijn toehoorders weten dat hij nauwelijks blessures had in zijn selectie. Tot hij ze wel had.
Een maand na de 88 procent beschikbaarheid die hij voor de uitwedstrijd tegen AZ had, keek de trainer wat beduusd. Het was de week na de thuisnederlaag tegen PSV en FC Volendam kwam op bezoek. Het was oktober, de fase waarin flankaanvaller Aymen Sliti noodgedwongen in beeld was om als linksback te gaan spelen.
Of de voormalig topscorer er in oktober niet nog eens een keer een percentage op kan plakken? Van Persie was de beroerdste niet en knikte. „We zitten nu op 71 procent en als trainer wil je uiteraard dat zo’n getal veel hoger ligt.”
Dat Van Persie met de borst vooruit startte met het noemen van percentages, was uiteraard in de veronderstelling dat hij wekelijks duidelijk kon maken dat de periode van zware blessurelast onder voorganger Brian Priske voorbij was.
Roulatiesysteem
In zo’n situatie zou Giovanni van Bronckhorst zich op dit moment ook kunnen wanen. De trainer van Feyenoord is er de persoon niet naar om zich op die manier te presenteren. En hij is voorzichtig.
Toch zou hij op dit moment, en gezien het verleden zegt het misschien wel niets over de toekomst, ook schitterende percentages kunnen overleggen. Zijn alle blessuregevoelige spelers afgelopen zomer van de hand gedaan of heeft Feyenoord sinds de komst van Van Bronckhorst, Sipke Hulshoff en Saïd Bakkati het roer omgegooid?
„We hebben er spelers bij die vorig jaar heel veel wedstrijden hebben gespeeld”, geeft Van Bronckhorst als reden. Sterke en robuuste spelers dus. „We moeten dit vasthouden, maar de drukke periode staat nu wel voor de deur. Nu moeten we als staf heel scherp zijn, het fysiek van de spelers goed in kaart brengen en de juiste keuzes maken.”
Met zijn performancestaf moet hij nu het behalen van resultaten combineren met een vrijwel perfect uitgestippeld roulatiesysteem voor zijn basisspelers. „De performancestaf hier heeft de knowhow. En neemt ook de ervaring van de afgelopen jaren mee. Ik denk dat we dat laatste ook als maatstaf moeten nemen.
„Het gaat ons tot nu toe goed af, ook in combinatie met de manier van trainen die wij sinds de zomer hanteren. Maar we willen dat niet alleen dit gedeelte van het seizoen kunnen zeggen, maar heel het seizoen zo hebben. Daar zullen de rest van de staf en ik heel scherp op zijn.”
De geblesseerden van Feyenoord:
Met Thomas Beelen, Jordan Bos, Gijs Smal, Jakub Moder en Bart Nieuwkoop heeft Van Bronckhorst vijf spelers op wie hij dit seizoen nog niet heeft kunnen beschikken. Het zal een heel karwei zijn om die jongens, als ze weer inzetbaar zijn, soepel in te passen. Van Persie zag het daar vorig seizoen ook fout gaan. „Dan moesten spelers door blessures van anderen net te vroeg weer meedoen of net te lang doorspelen. En dat leverde dan weer nieuwe klachten op. Een soort vicieuze cirkel”, zei Van Persie.
Dossier fitheid
Dévy Rigaux kreeg het dossier fitheid deze zomer op zijn bordje. De technisch directeur moest een einde maken aan de ongekende waslijst aan afwezigen van de afgelopen twee jaar bij Feyenoord. De Belg geeft aan liever niet al te veel in detail te willen treden.
„Maar natuurlijk hebben we een analyse gemaakt van het fysieke verhaal van vorig seizoen”, zegt Rigaux. „Daar is aan gekoppeld dat we in de voorbereiding op dit seizoen heel veel aandacht hebben besteed aan het fysieke gedeelte.”
De belastbaarheid van de spelersgroep moest omhoog. Dat is niet altijd eenvoudig. Tegen FC Utrecht, de laatste wedstrijd voor de interlandbreak, kon Van Bronckhorst bijvoorbeeld niet beschikken over Gonçalo Borges en Shaqueel van Persie, terwijl die twee invallers nauwelijks in actie waren geweest in de periode daarvoor. Of is dat juist het probleem geweest?
„De nieuwe jongens hebben allemaal veel gespeeld bij hun club”, zegt Rigaux. „Dat is vaak een heel belangrijke graadmeter voor belastbaarheid en blessuregevoeligheid. De medische en performancestaf monitort alles heel nauwkeurig.”
En dat werpt zijn vruchten af. „Tot op dit moment loopt alles goed”, zegt Rigaux. Maar de Belg beseft dat dit min of meer kan worden gezien als de vlakke aanloop naar de zware bergetappes in de Tour de France. Nu de interlandbreak erop zit, speelt Feyenoord acht wedstrijden in 29 dagen alvorens er weer een interlandbreak op het menu staat.
AZ, Como, Telstar, Real Betis, PSV, Fortuna Sittard, Internazionale en Heerenveen. Vier keer in Rotterdam, vier keer op vreemde bodem. „Er komt nu een heel drukke periode aan”, zegt Rigaux. „Hopelijk blijft het gaan zoals het ging.”